Veton laadpalen
Ondersteunde apparaten
| Device Type | Modbus TCP (Ethernet) | RS485 |
|---|---|---|
| ONE | ✅ | ❌ |
| TWO | ||
| Wall | ||
| Wall+ |
Toegang tot de webinterface
Toegang tot de Veton Station webinterface
Opmerking
Na het opstarten van het laadstation is de webpagina na ongeveer 8 minuten toegankelijk. Er zijn 2 verschillende opties om toegang te krijgen tot het platform:
Via internetverbinding (zie afbeelding daarnaast)
-
Verbind de ETH0-poort via een router om toegang te krijgen tot de Master BPS vanaf je pc, als deze met dezelfde router is verbonden.
-
Ga naar: http://ev3000.local:3000.
-
De webpagina opent en je kunt beginnen met de configuratie.
-
We raden aan om nu een statisch IP-adres aan het laadstation toe te wijzen via de netwerk instellingen. Let op: als de Veton-webpagina niet opent, volg dan deze stap.
Opmerking
Als de Veton-webpagina niet opent, volg dan deze stappen:
- Zorg dat de pc waarmee je verbinding maakt op DHCP staat (automatische IP-adrestoewijzing) in de internetinstellingen. Dit kun je controleren via netwerkverbindingen:

Configuratie via Modbus modbusTcp
-
Klik in de menubalk op Load Management.
-
Voer een eigen naam in bij Charging Park Name.
-
Stel de maximale stroomwaarde van de zekering die het laadpark beschermt in onder Load Circuit Fuse.
-
Kies voor High Level Measuring het communicatieprotocol. • IP Address
-
Voer het (IP) adres in van de energiemeter uit de meter kast.
-
Apparaattype is EEM377 (als de meter geleverd is door Veton).
-
Selecteer onder Charging Points de laadpunten die moeten deelnemen aan Load Management.
-
Klik op Save: Succes verschijnt op het scherm.
-
Voer een herstart uit van het laadstation.
Waarschuwing
Dynamisch Load Management werkt alleen als de voorzieningen voor het laadstation rechtstreeks vanaf de hoofdzekering worden afgetakt.

Configuratie via RS485
Dynamisch load management (MET energiemeter)
-
Klik in de menubalk op Load Management.
-
Voer een eigen naam in bij Charging Park Name.
-
Stel de maximale stroomwaarde van de hoofdzekering die het hele terrein beschermt onder Load Circuit Fuse in.
-
Kies voor High Level Measuring het communicatieprotocol. • RS 485 (modbus)
-
Selecteer de naam van het master laadstation (positie 1).
-
Selecteer onder Charging Points de laadpunten die moeten deelnemen aan Load Management.
-
Klik op Save: Succes verschijnt op het scherm.
-
Voer een herstart uit van het laadstation.
Waarschuwing
Dynamisch Load Management werkt alleen als de voorzieningen voor het laadstation rechtstreeks vanaf de hoofdzekering worden afgetakt.
